Het echte probleem achter lastig gedrag bij bonuskinderen

Waarom je bonuskind ineens lastig gedrag laat zien

Er is geen kind dat wakker wordt en denkt: laat ik vandaag eens moeilijk doen. Zo werkt een kind niet, en eerlijk gezegd werkt geen enkel mens zo. Gedrag is nooit los zand. Het is een signaal, een uiting van een binnenwereld die iets probeert duidelijk te maken.

In samengestelde gezinnen wordt dat signaal vaak verkeerd gelezen. Kinderen zouden lastig zijn, ondankbaar, opstandig, of “moeilijk sinds de nieuwe relatie.” Maar dit is de systemische waarheid die niemand hardop zegt: kinderen worden pas lastig wanneer de volwassenen om hen heen niet op de juiste plek staan. Niet omdat ze willen botsen, maar omdat ze iets dragen wat nooit van hen was.

Wat een loyaliteitsconflict bij je bonuskind eigenlijk is

Neem Max, twaalf jaar, een slimme en gevoelige jongen die altijd vrolijk binnenkwam. Tot zijn vader ging samenwonen met zijn nieuwe partner, Simone. In de eerste weken ging het goed. Simone wilde de lieve, betrokken bonusmoeder zijn, vader wilde rust en harmonie, Max wilde niemand teleurstellen.

Langzaam veranderde het gedrag. Max werd brutaal, trok zich terug op zijn kamer, at nauwelijks nog mee en zei steeds vaker dat hij liever naar zijn moeder ging. Vader vond hem ondankbaar. Simone voelde zich afgewezen. Max voelde vooral iets wat hij niet kon benoemen, tot hij het in een gesprek onder woorden bracht: papa is blij met Simone, maar als hij met haar praat voelt het alsof ik bij mama hoor, en als ik bij mama ben moet ik haar geruststellen dat ik Simone niet leuker vind. Ik ben steeds iemand anders, en ik weet niet wie ik moet zijn.

Dat is een loyaliteitsconflict. Geen conflict dat kinderen veroorzaken, maar een conflict waar ze middenin staan omdat het systeem om hen heen nog niet op orde is.

Waar komt moeilijk gedrag bij bonuskinderen vandaan?

Bij jongere kinderen, tussen de vier en twaalf jaar, zie je dezelfde dynamiek terug, alleen minder verwoord en meer in gedrag. Ze maken sowieso al complexe ontwikkelingsfases door, en in een samengesteld gezin komt daar een extra laag bovenop.

Waar kan moeilijk gedrag vandaan komen?

  1. Loyaliteitsconflict
    Kinderen in samengestelde gezinnen kunnen zich vaak verscheurd voelen tussen hun biologische ouders. Ze zijn misschien bang dat ze de andere ouder kwetsen als ze een band opbouwen met hun stiefouder. Dit kan zich uiten in teruggetrokken gedrag, boosheid of zelfs openlijke afwijzing van de bonusouder.
  2. Veranderingen en onzekerheid
    Kinderen zijn gevoelig voor veranderingen en willen zich veilig voelen. Veranderingen zoals een nieuwe partner, verhuizen, of een nieuwe omgangsregeling kunnen verwarrend en beangstigend zijn. Ze kunnen deze emoties uiten door zich terug te trekken, tegendraads te zijn, of op andere manieren “moeilijk” gedrag te vertonen.
  3. Behoefte aan grenzen en duidelijkheid
    Kinderen hebben vaak behoefte aan duidelijkheid en structuur, zeker in een onstabiele situatie en zeker van hun ouder. Als de nieuwe gezinssituatie nog in ontwikkeling is, kunnen ze proberen de grenzen te testen om te ontdekken waar ze precies staan en wie welke rol heeft. Hoe belangrijk ben ik voor mijn vader of moeder?
  4. Ontwikkelingsfasen en emoties
    De leeftijd van 4 tot 12 is een fase waarin kinderen nog veel leren en ontdekken over emoties en relaties. In een stiefgezin worden ze ‘gedwongen’ om extra relaties aangaan en hun plek te vinden. Iets wat voor veel kinderen echt uitdagend kan zijn en hen onzeker kan maken.


Voorbeeld uit de praktijk:

Zo ging het ook bij Tessa en Jeroen. Tessa werd bonusmoeder van Jeroens kinderen Sophie van zes en Tim van tien. Sophie was aanhankelijk en vroeg voortdurend aandacht, Tim werd steeds meer gesloten en opstandig en trok zich terug op zijn kamer. Tessa merkte dat het haar begon te raken, en betrapte zichzelf erop dat ze Tim soms de schuld gaf van de spanning in huis. Toen ze er samen met Jeroen over in gesprek gingen, bleek Tim vooral onzeker over zijn eigen positie. Bij wie hoorde hij nu eigenlijk? En was hij zijn moeder aan het verraden als hij een band opbouwde met Tessa?

Lees ook: mijn stiefkind accepteert mij niet.

Wat de systemische ordening zichtbaar maakt

In gesprekken met ouders gebruik ik het beeld van een fontein, ontwikkeld door Els van Stijn: een systeem waarin elke generatie zijn eigen plek heeft. Ouders staan boven kinderen, partners staan naast elkaar, en een nieuwe partner hoort nooit in de ouderstroom te staan.

Toen Max’ vader en Simone dat beeld voor zich zagen, werd duidelijk wat er was misgegaan. Simone was, uit liefde, op de ouderplek gaan staan. Vader had, vanuit verlangen naar een nieuw gezin, het tempo bepaald zonder dat af te stemmen. En Max deed wat elk loyaal kind doet: hij probeerde trouw te blijven aan beide ouders, uit angst iemand te verliezen. Zijn gedrag was geen onwil. Het was systeemtaal, een signaal dat de volwassenen nog niet op hun plek stonden.

Toen vader weer duidelijk ouder werd, toen Simone echt partner mocht zijn in plaats van mede-opvoeder, en toen Max niet meer hoefde te kiezen, zakte het gedrag vanzelf. Hij was nooit lastig geweest. Hij was overbelast.

Wat jij als bonusouder kunt doen bij moeilijk gedrag

Het begint met geduld en het besef dat het gedrag zelden over jou gaat. Tessa herinnert zichzelf er inmiddels aan dat Tim niet boos op haar is, maar worstelt met zijn eigen emoties, en dat vertrouwen tijd kost om op te bouwen. Geef die band ook echt de tijd. Een goede relatie ontstaat niet in een rechte lijn, ze kan van goed naar moeizaam gaan en weer terug, en druk zetten werkt averechts.

Hoe kan een bonusouder omgaan met ‘moeilijk’ gedrag?

  1. Geduld en empathie tonen
    Besef dat het gedrag van je bonuskinderen vaak een uiting is van hun eigen gevoelens en onzekerheden. In plaats van boos of teleurgesteld te reageren, probeer geduldig en begripvol te blijven. Tessa herinnert zichzelf er nu aan dat Tim niet perse boos op haar is, maar dat hij worstelt met zijn emoties en dat het tijd kost om zijn vertrouwen te winnen.
  2. Tijd en ruimte geven voor een band
    Een goede band ontstaat niet direct en dat hoeft ook niet. En je band kan veranderen van slecht naar goed en ook weer van goed naar slecht. Kinderen hebben tijd nodig om zich te openen en het helpt om geen druk te zetten op de relatie.
  3. Ondersteuning bieden aan de biologische ouder
    Als bonusouder hoef je niet de rol van opvoeder op je te nemen. In plaats daarvan kun je je partner ondersteunen in de opvoeding door een luisterend oor te zijn, mee te denken over uitdagingen en samen duidelijke regels op te stellen. Tessa en Jeroen begonnen regelmatig zelfs te praten over wat wel en niet werkte, zodat ze hun aanpak konden aanpassen en Tim en Sophie beiden konden ondersteunen in hun ontwikkeling.

Wat is jouw/jullie uitdaging? Stel je vraag gerust via de WhatsApp button. We denken graag met je mee.

De vraag die het gesprek verandert

De vraag is niet waarom dit kind zo lastig doet. De vraag is wat dit kind ons laat zien wat wij zelf nog niet durven aankijken. Vanaf dat moment begint het echte werk: het werk waar rust ontstaat, waar gezinnen tot hun recht komen, en waar een (bonus)kind weer gewoon kind mag zijn.

In mijn trajecten help ik ouders en bonusouders precies hiermee, door helderheid te creëren en gedrag van kinderen te begrijpen vanuit systeemlogica in plaats van vanuit frustratie. Veel klanten krijgen de coaching overigens deels vergoed door hun werkgever, vanuit duurzame inzetbaarheid of persoonlijke ontwikkeling. Het is vaker mogelijk dan je denkt, dus vraag het gerust na.

Herken je dit patroon en wil je zelf eerst je eigen plek in het stiefgezin helderder krijgen? In de Bonusouder 2.0 e-learning werk je daaraan, zonder jezelf daarbij te verliezen.

Download gratis e-learning
 

Marieke Stiefexpert | ontwikkelaar Sterk Stiefgezin Methode

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

WhatsApp Stel gerust je vraag 24/7
Scroll naar boven